SAMENWERKING GEMEENTE EN INITIATIEF

Ruimte voor nieuwe toekomstgerichte woonvormen komt niet vanzelf. Daar is lef voor nodig om het anders te doen en vertrouwen in de samenwerking en de uitkomst. 

Initiatieven en gemeenten noemen de volgende succesfactoren:

  • Dichtbij (de wensen van) de bewoners staan
  • Het lef hebben om dingen anders te doen 
  • Open staan voor nieuwe ideeën
  • Een proactieve houding richting burgerinitiatief
  • Ruimte geven aan anderen, niet te veel zelf willen regisseren
  • Accepteren dat de uitkomst daarmee anders wordt (nieuwe en andere woonvormen)
  • Denken in mogelijkheden 

De gemeente Olst-Wijhe geeft aan dat de nieuwe woonvormen in hun gemeente (Vriendenerf, Aardenhuizen en Olstergaard) vooral tot stand zijn gekomen door een goede samenwerking met de initiatieven en toekomstige bewoners. De gemeente noemt een open cultuur, enthousiasme en vertrouwen – zowel bij bestuurders als de ambtenaren – als belangrijke succesfactoren.

Beschouw burgerinitiatieven als derde bouwstroom en daarmee als serieuze partij voor het invullen van zowel de kwantitatieve als de  kwalitatieve woningbouwopgave. Verbind alle bouwende partijen – op gemeentelijke én particuliere grond – aan de gemeentelijke doelen voor collectief wonen, en stimuleer en faciliteer samenwerking tussen burgerinitiatieven, woningcorporaties, zorginstellingen en ontwikkelaars.

Burgerinitiatieven kunnen pas echt meedoen in het spel van vraag en aanbod, als ze beschikken over dezelfde informatie als commerciële partijen. Bewonersinitiatieven in uw gemeente (wijk of buurt) worden extra gestimuleerd wanneer ze het eerste biedingsrecht krijgen. 

Stel informatie over vrijkomend vastgoed en bouwkavels  tijdig, overzichtelijk en goed vindbaar beschikbaar voor de bewonersinitiatieven in uw regio en maak het mogelijk om er als collectief op in te schrijven. 

Initiatiefnemers hebben bij de realisatie van hun initiatief behoefte aan ondersteuning door hun gemeente. Zo kan uw gemeente meedenken over locatiemogelijkheden voor woonprojecten, hoe een initiatief passend gemaakt kan worden binnen uw gemeentelijke beleid en informeren over waar vergunningverleners op toetsen.  Het is voor een burgerinitiatief niet altijd makkelijk om de weg te vinden binnen de gemeentelijke organisatie. Organiseer één loket binnen uw gemeente waar burgers terecht kunnen en ga samen op zoek naar mogelijkheden. 

Uw gemeente kan een rol spelen in het samenbrengen van vraag en aanbod, zowel op gemeentelijke als particuliere grond. Wanneer uw gemeente vooraf alle burgerinitiatieven en geïnteresseerden in zelfbouw inventariseert, kan er snel geschakeld worden wanneer er een locatie beschikbaar komt. 

Gemeente Amsterdam werkt met een zogenaamde ‘Kaartenbak’ waarin wooncoöperaties – die voldoen aan de eisen van de gemeente – zijn ingeschreven. Deze Kaartenbak is een eerste voorselectie. Wooncoöperaties die vóór de startdatum van een inschrijftermijn voor een kavel in de Kaartenbak zijn ingeschreven, kunnen deelnemen aan de betreffende kavelselectie. Coöperaties die niet zijn geselecteerd voor een kavel, blijven in de Kaartenbak aanwezig voor een volgende selectie van een kavel. Hierdoor hoeft de coöperatie niet steeds het inschrijvingsproces door. 

https://www.amsterdam.nl/wonen-leefomgeving/zelfbouw/wooncooperatie/kaartenbak-wooncooperaties/

Voor uw gemeente is het belangrijk om te werken met een goed georganiseerd collectief dat zichzelf grotendeels zelf kan bedruipen en in staat is om een project succesvol te realiseren. Verlang van collectieven dat zij zich als één rechtspersoon organiseren  in een vereniging, stichting of coöperatie en zorg dat het collectief één aanspreekpunt aanwijst. 

Een goed georganiseerd collectief hoeft niet per se alle kennis zelf in huis te hebben. Er mag wel van het collectief verlangd worden dat het (zo nodig) professionele kennis inhuurt. Er zijn in Nederland meerdere professionals en organisaties die burgerinitiatieven ondersteunen, van start tot vergunning. De inhuur van kennis brengt ook extra kosten met zich mee en verhoogd daarmee de drempel. Sommige gemeenten werken daarom samen met een stichting die het collectief kan ondersteunen. Ook provincies kunnen een rol spelen in het verstrekken van capaciteit en middelen om collectieven op weg te helpen. 

Uw gemeente doet er goed aan om bij de start van een project elkaars rol, de kosten en de risico’s met elkaar te bespreken. Eventueel kunnen de afspraken worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst. Dit zorgt voor de juiste verwachtingen gedurende het gehele proces.

De provincie kan een rol spelen bij het faciliteren van initiatieven. Bijvoorbeeld door kennis delen, het wegnemen van belemmeringen en het beschikbaar stellen van middelen en capaciteit. 

Provincie Noord-Brabant heeft in 2020 het Actieprogramma Nieuwe Woonvormen en Zelfbouw opgesteld met als doel de realisatie van alternatieve woonvormen en zelfbouw te stimuleren en te versnellen. Met het Actieprogramma wil de provincie stevig bijdragen aan de realisatie van meer van de genoemde woonvormen. https://www.brabant.nl/onderwerpen/ruimtelijke-ontwikkeling/bevolking-en-wonen/nieuwe-woonvormen

Provincie Overijssel heeft de ‘Subsidie Stimuleren wooninitiatieven’ in het leven geroepen. Aan de hand van een scoretabel wordt gekeken of initiatieven recht hebben op de subsidie. In de scoretabel zijn o.a. maatschappelijke waarden, doelgroep en  mate van betrokkenheid van inwoners meegenomen. https://www.overijssel.nl/loket/subsidie/ruimtelijke/stimuleren/

LinkedIn
Share
WhatsApp